Verzoening:
Zowel het slachtoffer als de gewelddadige persoon
verwerven opnieuw controle over de toestand. De dader is
kalm en vertoont een vriendelijk, liefdevol gedrag t.o.v.
zijn partner. De spanning is voorbij, Vaak vraagt de dader
om vergiffenis, en het slachtoffer is vaak ook bereid hem
die te schenken. Al zijn daden staan in het teken van
verzoening. Beide ontkennen de omvang van de problemen en
denken dat er verder geen gewelddaden meer zullen
plaatsvinden tussen hen.
Opbouwen
van spanning:
Deze fase wordt gekenmerkt door vele kleine incidentjes,
waarbij het misbruik geleidelijk aan ernstiger wordt. De
vrouw leert ermee leven door het misbruik als normaal te
beschouwen, en hoopt hiermee een escalatie van de
mannelijke woede te voorkomen. De spanning wordt
ondraaglijk. De controle hierover speelt een belangrijke
rol in deze fase.
Crisis
- geweld:
Er ontwikkelt zich een machtsstrijd. In een poging om de
controle te behouden of terug te winnen, wordt degene die
geweld gaat gebruiken, zo woedend dat hij zich niet meer
kan beheersen. Dit leidt tot een aanval. Daarna is hij
zelf geschokt, gaat alles ontkennen en weigeren te
geloven. De gewelddadige persoon en vaak ook het
slachtoffer rationaliseren het incident en ontkennen de
ernst ervan.
<<< Terug
naar vorige pagina